In Nederland en België komen prachtige roofvissen voor. Roofvissen jagen op andere dieren en dan vooral andere vissen.  Ze zijn speciaal uitgerust voor de jacht. Hieronder zetten we voor je uiteen wat roofvissen nu zo bijzonder maakt en welke soorten roofvis voor ons als sportvissers het meest interessant zijn.

Roofvissen uitrusting

roofvissen

Als jagers onder de vissen zijn roofvissen speciaal uitgerust om andere vissen op te sporen en te vangen. Ze zijn meestal zo gebouwd dat ze op lange of korte afstand razendsnel kunnen toeslaan. Roofvissen zijn vaak slank gebouwd en bezitten mooie schutkleuren. Denk hierbij aan strepen of vlekjes waardoor ze goed in de omgeving opgaan. Door deze camouflage vallen roofvissen niet zo snel waardoor hun prooi ze minder snel in de gaten heeft.  En om de prooi goed te kunnen opsporen bezitten roofvissen uitstekend ogen en hebben ze meestal ook nog eens sensoren in hun flank  die trillingen opvangen. Hierdoor hebben ze hun prooi al snel in de gaten. En hebben ze eenmaal goed toegeslagen dan kan een prooi vaak geen kant meer op. Tanden of borstelachtige stekels in hun bek houden de prooi klemvast om deze vervolgens in zijn geheel naar binnen te werken.

Grote roofvissen

Roofvissen die tot een flinke lengte kunnen uitgroeien zijn:
•    de snoek (maximale lengte 1.40 meter)
•    de snoekbaars (maximale lengte 1.20 meter)
•    de meerval (maximale lengte 2.50 meter)
Snoeken en snoekbaarzen behoren tot de meest favoriete sportvissen van Nederland en Vlaanderen. Ze komen veel voor en laten zich prima met kunstaas pluggen, spinners, shads of dood aas vangen. Meerval vissen is voor veel vissers wat minder bekend maar omdat de meerval steeds vaker voorkomt gaan steeds meer mensen er op vissen. Ook meerval kan je met kunstaas en dood aas vangen. Als je op grote roofvissen gaat vissen zal je stevig materiaal moeten gebruiken. Dit geldt vooral voor meerval en snoek. Alleen met de juiste hengel, lijn, molen en onderlijn ben je in staat om een gigant te haken en binnen te halen.


Kleinere roofvissen

Er is een aantal roofvissen die we graag vangen dat minder groot worden. Dit zijn:
•    de baars (maximale lengte 60 centimeter)
•    de roofblei (maximale lengte 1 meter)
•    de paling (maximale lengte 1.10 meter)
Baars en roofblei zijn actieve jagers die vaak op of net onder het oppervlakte actief zijn. Je vangt ze, zeker in de zomermaanden, goed met ondiep lopend of drijvend kunstaas. Roofblei komt wat minder voor maar heeft de naam tot de sterkste vissen van ons land te behoren. En je zou kunnen zeggen dat paling met zijn lengte tot de grote roofvissen behoort. Maar deze slangachtige vis is zo dun dat hij zelden echt zwaar wordt. Vandaar dat hij niet echt tot de grote roofvissen wordt gerekend. In tegenstelling tot baars en roofblei vang je paling uitsluitend op de bodem. Wormen, maden, en dood aas behoren tot de beste soorten aas om mee te paling vissen.

Overige roofvissen

De hierboven genoemde roofvissen zijn het meest bekend in ons land. Er zijn echter ook enkele roofvissen die minder bekend zijn maar die je best wel eens aan je hengel zou kunnen krijgen:
•    de forel (maximale lengte 60 centimeter)
•    de pos (maximale lengte 15 centimeter)

Forel komt in het zuiden van ons land en zeker in de heuvelachtige gebieden van België voor. Forel vissen is een aparte uitdaging en vergt dunne lijnen en een soepele hengel. Forel kan je vangen met klein kunstaas (spinners, lepels), kunstvliegen of wormen/maden. Zeker in stromend water is de kunst om dit op de juiste manier aan te bieden. Pos, ook wel schele pos genoemd, is een klein baarsachtig visje. Je vangt hem meestal als bijvangst als je met wormen of maden aan het baars vissen bent.