Hele generaties snoekvissers zijn groot geworden met de spinner. Omdat spinners relatief ondiep kunnen worden binnengevist, zijn ze bij uitstek geschikt voor de vele ondiepere wateren in ons land. Vooral in de polder bieden kunstaas spinners het hele jaar door goede kansen.

Keuze voor de spinner

snoek spinner polder

Het kiezen van de juiste spinner is niet makkelijk. Ze zijn in talloze kleuren, uitvoeringen en maten te krijgen. Zware spinners, of met lood verzwaarde spinners, worden eigenlijk alleen in diep(er) water gebruikt. Voor de polder zijn ze minder geschikt omdat ze eerder in de bodem vast zullen lopen. Onverzwaarde spinners zoeken we dus. Maar welke kiezen we dan? Over het algemeen doen de spinners van de merken Ondex en Mepps het uitstekend in de polder. De Ondex spinner, de Mepps Lusox spinners (o.a. goudkleurig, zilverkleurig), en Mepps Tandem spinners zijn ware toppers. Deze spinners hebben een rode pluim om hun dreg. Wat betreft de grootte van de spinners kan je je het beste door het gewicht laten leiden. Daarbij zijn spinners van 5 a 6 gram voor vrijwel alle omstandigheden een prima keuze. Wat betreft een tandem spinner kan je wat zwaarder gaan zitten.

Vissen op de juiste plekken

Polderwater strekt zich vaak over honderden meters, zo niet enkele kilometers uit. Waar kunnen we de snoek dan het beste met de spinner belagen? In polderwateren die niet al te breed zijn hoeven we nog niet zo kieskeurig te zijn. Zo kunnen we in smalle sloten de spinner zoveel mogelijk over de lengte van het water binnenvissen. We gooien dan parallel aan de oever net in het midden van het water en vissen de spinner binnen. Bij wat bredere wateren (zeg meer dan 10 meter breed) is de keuze wat complexer. Het af te vissen water is groter en alles afvissen is ondoenlijk. We zullen de spinner dan op de juiste plekken in moeten gooien. Goed plekken zijn rietkragen, bruggetjes, paaltjes in het water, gemalen en in het water gevallen bomen. Een kruising van waterwegen is ook het bevissen waard. In de koudere maanden moeten we ook het midden van het water eens proberen. Scholen aasvis zullen dan wat dieper liggen en de snoek zoekt deze op.

Techniek van het vissen met de spinner

Het spinnerblad gaat om as van de spinner draaien zodra je deze hebt ingeworpen en gaat binnenhalen. Hiermee ontstaat de schittering en trilling in het water die snoek aantrekt. Om de spinner nog aantrekkelijker te maken kan je een aantal dingen doen. Ten eerste kan je de spinner van hoog naar laag en van laag naar hoog binnenvissen. Dit doe je door de hengeltop verticaal heen en weer te bewegen terwijl je de spinner binnenvist. Zo vis je meerdere waterlagen af. Ten tweede kan je de hengeltop tijden het binnenvissen van links naar rechts en van rechts naar links bewegen. Hiermee ‘slalomt’ de spinner als het ware door het water. Ten derde kan je enige onregelmatigheid in de snelheid van het binnenvissen proberen. De kans bestaat dat de snoek de spinner dan eerder voor een ziek visje aanziet en toeslaat. Ten vierde is het, zeker in de winter, van belang om de spinner langzaam binnen te vissen. Dat geeft de snoek de tijd om te reageren en bezorgt je een geslaagde visdag met dit prachtige kunstaas.